Toegangsbeveiliging kan zo veel veiliger voor MKB

​​​​​​​In veel kleinere en middelgrote bedrijven is de toegangsbeveiliging nog altijd slordig geregeld, met alle risico’s op hacks en datalekken van dien. Terwijl het vrij eenvoudig is op te lossen.

Nieuwe Europese regelgeving

Vanaf 25 mei 2018 gaat de nieuwe Europese regelgeving op het gebied van gegevensbescherming in. Deze Algemene Verordering Gegevensbescherming (AVG) is een goede aanleiding om nog eens goed naar de IT-beveiliging te kijken, want gegevens zijn op voorhand niet beschermd als ze door een datalek op straat liggen. En zelfs zonder een hack: wie heeft er allemaal toegang tot de gegevens en mag dat zomaar? De AVG (in het Engels bekend als de General Data Protection Regulation) verlangt van organisaties dat zij niet alleen hun gegevensbescherming op orde hebben, maar ook kunnen aantonen hoe zij die hebben ingericht – op straffe van draconische boetes.

Dat maakt IT-beveiliging opeens nóg urgenter voor iedere organisatie die gegevens te beschermen heeft – en voor welke organisatie geldt dat niet? Grote bedrijven hebben daarvoor procedures ontwikkeld, maar in veel kleinere organisaties is de toegang tot gegevens nog altijd houtje-touwtje geregeld. Vaak komt dat door een combinatie van gebrek aan verantwoordelijkheid, een te grote afhankelijkheid van de IT-afdeling en onvoldoende overzicht van applicaties, rollen en accounts.

MKB-probleem van access management

Toch is dit typische MKB-probleem van access management vrij eenvoudig op te lossen. De eerste stap is meer bewustzijn, want ook al weet iedere ondernemer ongetwijfeld wat de risico’s zijn, het is vaak gewoon te makkelijk om één persoon alle toegangsrechten te geven. Daarom is er een mindshift nodig bij zowel management als medewerkers. Die creëer je niet alleen met praatsessies, presentaties en ja-knik-gedrag, want dat is het ene oor in, het andere oor uit. De dreiging van een hoge AVG-boete zet wellicht al meer zoden aan de dijk, maar nog beter is het om de basis goed geregeld te hebben.

Dat doe je door toegangsbeheer niet bij de IT-afdeling te beleggen, maar bij iedere afdeling en ieder projectteam zelf. Die zijn het beste inhoudelijk op de hoogte van de data die er wordt beheerd en de veiligheidsrisico’s die ermee gepaard gaan. Tegelijk zorg je ervoor dat de identiteit van een gebruiker juist maar op één plaats wordt gecontroleerd. Onbekenden kunnen dan niet via een omweg naar binnen komen.

Centrale authenticatie en decentrale autorisatie

Deze werkwijze van access management berust op het principe van centrale authenticatie en decentrale autorisatie. Centrale authenticatie betekent dat je op één plek de identiteit van je medewerkers verifieert voordat iemand ook maar ergens toegang toe krijgt. Deze authenticatie verloopt via een identity provider, zoals een ActiveDirectory of een HR-systeem, en geldt ook voor externen als stagiairs en freelancers. Bij decentrale autorisatie komt het toegangsbeheer zelf vervolgens te liggen bij zelf te selecteren personen of groepen binnen het bedrijf – de logisch verantwoordelijke. Alleen die bepaalt of een nieuw teamlid bij de wachtwoorden mag of eenmalig mag inloggen. Een centrale admin wordt daarmee overbodig.

De werkwijze is duidelijk en de hulpmiddelen voor toegangsbeheer volgens dit principe zijn beschikbaar. En het is gemakkelijker en veiliger zonder extra kosten. Een juiste uitvoering van het principe van centrale authenticatie en decentrale autorisatie vermindert juist de overhead (ook in beheer), versnelt processen en verbetert de gegevensveiligheid. Bovendien kun je als afdeling of projectteam iedere stap volgen.

Interne bewustzijn vergroten

Om het interne bewustzijn te vergroten, kun je ook drempels voor jezelf en je medewerkers inbouwen voordat je toegang krijgt tot een productiedatabase. Dat verhoogt het bewustzijn, de betrokkenheid, maar zeker ook de acceptatie om échtestappen te zetten op weg naar een degelijke beveiliging van al je gegevens, of die nu privacygevoelig zijn (belangrijk voor de AVG) of gewoonweg belangrijk voor je voortbestaan.

Auteur: Martijn Maatman


oktober 3rd, 2017

Posted In: Geen categorie

Toegangsbeveiliging kan zo veel veiliger voor MKB

​​​​​​​In veel kleinere en middelgrote bedrijven is de toegangsbeveiliging nog altijd slordig geregeld, met alle risico’s op hacks en datalekken van dien. Terwijl het vrij eenvoudig is op te lossen.

Nieuwe Europese regelgeving

Vanaf 25 mei 2018 gaat de nieuwe Europese regelgeving op het gebied van gegevensbescherming in. Deze Algemene Verordering Gegevensbescherming (AVG) is een goede aanleiding om nog eens goed naar de IT-beveiliging te kijken, want gegevens zijn op voorhand niet beschermd als ze door een datalek op straat liggen. En zelfs zonder een hack: wie heeft er allemaal toegang tot de gegevens en mag dat zomaar? De AVG (in het Engels bekend als de General Data Protection Regulation) verlangt van organisaties dat zij niet alleen hun gegevensbescherming op orde hebben, maar ook kunnen aantonen hoe zij die hebben ingericht – op straffe van draconische boetes.

Dat maakt IT-beveiliging opeens nóg urgenter voor iedere organisatie die gegevens te beschermen heeft – en voor welke organisatie geldt dat niet? Grote bedrijven hebben daarvoor procedures ontwikkeld, maar in veel kleinere organisaties is de toegang tot gegevens nog altijd houtje-touwtje geregeld. Vaak komt dat door een combinatie van gebrek aan verantwoordelijkheid, een te grote afhankelijkheid van de IT-afdeling en onvoldoende overzicht van applicaties, rollen en accounts.

MKB-probleem van access management

Toch is dit typische MKB-probleem van access management vrij eenvoudig op te lossen. De eerste stap is meer bewustzijn, want ook al weet iedere ondernemer ongetwijfeld wat de risico’s zijn, het is vaak gewoon te makkelijk om één persoon alle toegangsrechten te geven. Daarom is er een mindshift nodig bij zowel management als medewerkers. Die creëer je niet alleen met praatsessies, presentaties en ja-knik-gedrag, want dat is het ene oor in, het andere oor uit. De dreiging van een hoge AVG-boete zet wellicht al meer zoden aan de dijk, maar nog beter is het om de basis goed geregeld te hebben.

Dat doe je door toegangsbeheer niet bij de IT-afdeling te beleggen, maar bij iedere afdeling en ieder projectteam zelf. Die zijn het beste inhoudelijk op de hoogte van de data die er wordt beheerd en de veiligheidsrisico’s die ermee gepaard gaan. Tegelijk zorg je ervoor dat de identiteit van een gebruiker juist maar op één plaats wordt gecontroleerd. Onbekenden kunnen dan niet via een omweg naar binnen komen.

Centrale authenticatie en decentrale autorisatie

Deze werkwijze van access management berust op het principe van centrale authenticatie en decentrale autorisatie. Centrale authenticatie betekent dat je op één plek de identiteit van je medewerkers verifieert voordat iemand ook maar ergens toegang toe krijgt. Deze authenticatie verloopt via een identity provider, zoals een ActiveDirectory of een HR-systeem, en geldt ook voor externen als stagiairs en freelancers. Bij decentrale autorisatie komt het toegangsbeheer zelf vervolgens te liggen bij zelf te selecteren personen of groepen binnen het bedrijf – de logisch verantwoordelijke. Alleen die bepaalt of een nieuw teamlid bij de wachtwoorden mag of eenmalig mag inloggen. Een centrale admin wordt daarmee overbodig.

De werkwijze is duidelijk en de hulpmiddelen voor toegangsbeheer volgens dit principe zijn beschikbaar. En het is gemakkelijker en veiliger zonder extra kosten. Een juiste uitvoering van het principe van centrale authenticatie en decentrale autorisatie vermindert juist de overhead (ook in beheer), versnelt processen en verbetert de gegevensveiligheid. Bovendien kun je als afdeling of projectteam iedere stap volgen.

Interne bewustzijn vergroten

Om het interne bewustzijn te vergroten, kun je ook drempels voor jezelf en je medewerkers inbouwen voordat je toegang krijgt tot een productiedatabase. Dat verhoogt het bewustzijn, de betrokkenheid, maar zeker ook de acceptatie om échtestappen te zetten op weg naar een degelijke beveiliging van al je gegevens, of die nu privacygevoelig zijn (belangrijk voor de AVG) of gewoonweg belangrijk voor je voortbestaan.

Auteur: Martijn Maatman


oktober 3rd, 2017

Posted In: Geen categorie

Er zit een Emma in iedere leerling

Wij willen dat alle leerlingen later terugkijken zoals Emma. Met het gevoel dat er aandacht voor hen was, ze voelden dat niets onmogelijk was en ze de kans kregen het maximale uit zichzelf te halen. Een ideaalbeeld? Zeker. Een utopie? Zeker niet.

Meer inzicht, minder werkdruk

Wij kunnen scholen met behulp van technologie inzicht geven in de prestaties en behoeften van leerlingen en tegelijkertijd de werkdruk drastisch verlagen.

Digitaal lesmateriaal registreert exact bij welke vraag een leerling langer de tijd nodig heeft, welke benadering aanslaat, waar hij goed in is, waar hij de meeste fouten maakt en op welk algeheel niveau de leerling werkt. Het past zich daar bovendien automatisch op aan.

Leerkrachten krijgen een overzicht van de prestaties, de ontwikkeling en de behoefte van een leerling kant-en-klaar aangeleverd. Geen nakijkwerk, maar direct inzicht in de leerbehoefte, ontwikkeling en talenten van iedere persoon in de klas. Dit stelt je in staat een leerling op het juiste moment op de juiste manier bij te staan en lesstof per leerling vorm te geven om die individuele ontwikkeling het best te stimuleren.

Zo zien leerkrachten van Emma haar uitblinken in wis- en natuurkunde, dus geven ze haar extra rekenstof. En om haar stressbestendigheid als toekomstig piloot te vergroten geven ze haar interactieve oefeningen om onder hoge druk creatieve beslissingen te nemen.

Een beter onderwijssysteem

De mogelijkheden van technologie zijn eindeloos. Wij voelen het als onze plicht om er met deze technologie voor te zorgen dat kinderen hun potentieel kunnen ontplooien. Daarom geven wij, in samenwerking met educatieve uitgevers en distributeurs, scholen de digitale middelen die daarvoor nodig zijn.

In de klas geven we leerkrachten inzicht in leerlingen en minimaliseren we de werkdruk. Leerlingen krijgen onderwijs op maat en vervullen door interactieve systemen een belangrijke rol in hun eigen ontwikkeling. In de bestuurs- en directiekamers ondersteunen we alle gebieden van de bedrijfsvoering, zodat financiële middelen en administratie doelgericht ingezet kan worden.

Zo richten we een onderwijssysteem in dat effectiever, beter, leuker en uitdagender onderwijs biedt voor iedereen. Er zit een Emma in iedere leerling. Laten we er samen voor zorgen dat ook zij hun dromen kunnen waarmaken.

Auteur: Dirk Jan Timmer


september 18th, 2017

Posted In: Geen categorie

Blog: Hoe de beste ideeën ontstaan

Blog: Hoe de beste ideeën ontstaan 1

De meest innovatieve producten en ideeën komen niet voort uit de grootste bedrijven, niet uit de jongste bedrijven of de rijkste bedrijven. Ze komen uit bedrijven met energieke medewerkers. Dus wil je innoveren? Kijk eens om je heen en creëer de optimale werksfeer!

Wat zie je als je op je werk om je heen kijkt? Zie je bevlogen, energieke en levenslustige collega’s? Voel je jezelf zo? Zie je medewerkers die hun ei kwijt kunnen, die betrokken zijn bij het bedrijf en een gezonde mate van bevlogenheid hebben? Bedrijven met dit soort medewerkers bezitten de sleutel tot succesvolle innovatie. Ze kennen een sfeer van vrijheid en, tja cliché, blijheid. De medewerkers hebben het naar hun zin, wat leidt tot effectiviteit en productiviteit.

Deze werksfeer leidt tot vernieuwende ideeën en producten. Ik ga een stap verder: het is een vereiste. Dus wil je innovatieve producten maken? Zorg dan eerst voor sociale innovatie.

Sociale innovatie

Sociale innovatie is een nieuw begrip en heeft geen vaste definitie. Vaak wordt de sfeer bedoeld die binnen een bedrijf heerst. Het omschrijft een sfeer van betrokkenheid van medewerkers bij zowel de visie van het bedrijf, als de besluitvorming binnen het bedrijf. Kortom: medewerkers krijgen en nemen meer verantwoordelijkheid.

Ik ben geen manager of werkgever, maar een zeer tevreden medewerker, die niet weet hoe makkelijk het voor een werkgever is om de spreekwoordelijke ‘touwtjes’ te laten vieren. Maar wat ik wel heb geleerd, is hoe belangrijk het is om ze te delen met medewerkers. Uiteraard moet hier een balans in worden gevonden. Het is immers niet de bedoeling dat medewerkers het werk van managers overnemen, maar wél om ze betrokken te maken en houden bij de organisatie. Het geheim daarvoor ligt in drie begrippen: verwachtingsmanagement, communicatie en vertrouwen.

Manage de verwachtingen

Sociale innovatie is pas mogelijk wanneer iedereen weet wat er verwacht wordt. Wil je dat je medewerkers out-of-the-box denken en hiermee input leveren voor het bedrijf of een product? Maak dan duidelijk in welke mate dit mogelijk is. Aan de andere kant is het belangrijk voor managers om te weten welke bijdrage ze van medewerkers kunnen verwachten en in hoeverre ze daarmee handelen. Zo voorkom je teleurstellingen en misschien conflicten. Als de verwachtingen realistisch en redelijk zijn, verhoogt het de betrokken- en bevlogenheid van medewerkers.

Communiceer eerlijk!

Het is echt waar: eerlijke en open communicatie is cruciaal. Dat lijkt een enorme open deur, maar in de praktijk blijken veel medewerkers hun kritiek en mening geregeld voor zich te houden. Wat je wil creëren is een organisatie waarin iedereen de mogelijkheid krijgt om zich te uiten. Alleen dan bereik je betrokkenheid. Is er geen openheid? Dan kan je proberen te innoveren wat je wil, maar lukt niet.

Vertrouw elkaar

Zowel verwachtingsmanagement als open communicatie leiden tot de derde pijler van sociale innovatie: vertrouwen. Vooral tussen verschillende lagen binnen een bedrijf heerst geregeld onbegrip en wantrouwen. Door dit te veranderen, medewerkers te ‘belonen’ met vertrouwen en vrijheid, krijg je daar wat voor terug. En dat ‘wat’ is vaak zeer waardevol.

Laat ik een voorbeeld geven van bedrijven als Google en Topicus. Zij organiseren hackathons waarbij de werknemer voor een korte periode (meestal een dag of twee) geheel vrij wordt gelaten om zelf of in teams een probleem aan te pakken waar hij of zij graag een oplossing voor wil creëren. Dit is het moment waar sociale innovatie overgaat in technische innovatie. De gegeven vrijheid vertaalt zich naar nieuwe ideeën, producten, diensten of oplossingen voor actuele problemen. Deze zijn vaak enorm waardevol en soms zelfs baanbrekend.

Kijk nog eens

Nogmaals: kijk eens om je heen. Zie je levenslustige mensen, vol energie, die er alles voor over hebben om een topproduct neer te zetten? Zie je mensen met het vertrouwen om ideeën te opperen met het risico dat het afgeschoten wordt? Kun je input geven bij de sturing van het bedrijf waar je werkt? Voel je dat jouw werk ertoe doet? Dat je trots kan zijn?

Is het antwoord op alle vragen een volmondig: ‘Ja!’? Dan zit je goed. Keten jezelf vast aan je bureau en vertrek niet meer. Jij zit op de plek waar goede ideeën ontstaan. Is je antwoord ‘nee’ of een twijfelachtig gemompel? Dan is er ruimte voor verbetering. Kaart bij de mensen waar je mee samenwerkt aan, dat het ook anders kan. Staan ze ervoor open, dan is er ruimte om daadwerkelijk verbetering door te voeren, ten goede van de organisatie én de mensen die er werken. Is er in jouw organisatie geen ruimte voor sociale innovatie? Kom dan gerust kennismaken met Topicus!

 

 


augustus 10th, 2017

Posted In: Geen categorie

Stem op Keyhub voor de Accenture Innovation Award

KeyHub strijdt mee in de categorie Safe and Secure Society. Martijn Maatman: ‘De filosofie van Topicus KeyHub is de verantwoordelijkheid en toegang tot data teruggeven aan de personen met zeggenschap daarover.’ Recent haalde KeyHub Voys binnen als klant: ‘KeyHub is een voorbeeld van een product waarbij we afstappen van het rechtlijnige denken, zoals de rest van de wereld’. Mark Vletter, eigenaar van Voys, heeft Topicus Keyhub zelfs vermeld in een artikel op RTL Nieuws. Of zoals collega Robin van Sambeek het graag noemt: ‘wij denken graag om een hoekje.’ zegt Martijn.Accenture Innovation Award

Over de Innovation Awards is Martijn duidelijk: ‘We willen hem winnen!’ Dus laten we massaal stemmen en deze award op 27 oktober 2017 mee naar huis nemen!


augustus 8th, 2017

Posted In: Geen categorie

Blog: Het Topicus avontuur van Senne Bobeldijk

Blog: Het Topicus avontuur van Senne Bobbeldijk

Hoe het begon

Mijn Topicus avontuur begon in juli 2016, toen ik solliciteerde bij Topicus voor de bijbaan van Talent Sourcer. Al bij mijn eerste contact met Topicus werd duidelijk dat Topicus anders is dan andere organisaties. Met een heerlijke Topicus Gifkikker onder mijn arm liep ik na mijn sollicitatiegesprek de deur uit en een paar dagen later kreeg ik een telefoontje van recruiter Aard Knol dat ik was aangenomen. Het half jaar dat volgde, vloog voorbij met een gezellig teamuitje en een spetterend eindejaarsfeest. Toen het moment aanbrak dat ik moest afstuderen, wist ik zeker dat ik dit ook bij Topicus wilde doen.

Interne organisatie-identiteit

Het onderzoek naar de interne organisatie-identiteit was gericht op de kernwaarden van Topicus en bestond uit twee delen. Allereerst werd de identiteit volgens het bestuur en management gemeten, met behulp van diepte-interviews en een enquête. Daarna werd de identiteit gemeten onder 328 collega’s, om vervolgens de verschillen en overeenkomsten ik kaart te brengen. Als laatste schreef ik een intern communicatieadvies voor Topicus waarmee zij kunnen anticiperen op de resultaten.

Een hoop gezelligheid

Ik kreeg veel vrijheid om mijn opdracht zelfstandig op te pakken. Het was even wennen van flexibele schooldagen naar een 40-urige afstudeerweek, maar op deze manier leerde ik de organisatie en collega’s snel kennen. De medewerkers bij Topicus (ook wel Topicanen genoemd) zijn zeer toegankelijk en waren bereid om tijd vrij te maken voor mijn onderzoek. Ook door deel te nemen aan activiteiten als de Batavierenrace en het Topicus Voetbaltoernooi leerde ik veel nieuwe collega’s kennen. Bovendien zijn deze activiteiten ontzettend goed georganiseerd! Ik kan wel zeggen dat je best een beetje verwend wordt door Topicus.

Kennisdeling

Aan het einde van de afstudeerperiode presenteerde ik mijn bevindingen aan andere Topicanen, afstudeerders en stagiaires op het Topicus Studentencongres. Het studentencongres biedt afstudeerders en stagiaires een mooie kans om te oefenen voor hun eindpresentatie en elkaars werk te bekijken. Het is echt tof om te zien hoeveel verschillende disciplines bij Topicus terecht kunnen en wat voor gave applicaties zij ontwikkelen.

Aan de slag

Mijn afstudeerperiode was een hele leerzame en fijne tijd! Leuk om te vertellen: 17 juli ben ik gestart als interne communicatiemedewerker en ga ik aan de slag met mijn eigen advies! Mijn Topicus avontuur is dus nog niet voorbij…


juli 20th, 2017

Posted In: Geen categorie

Exchange with Exchange, of hoe Corné Wevers FinControl laat praten.

Exchange with Exchange, of hoe Corné Wevers FinControl laat praten

Corné Wevers wilde als klein jongetje machinist worden, liet zich later opleiden tot kok, maar kwam er achter dat zijn hart toch meer bij computers ligt. MBO- en HBO systeembeheer waren zijn laatste tussenstops op de weg naar zijn daadwerkelijke passie, informatica. Over een week ontvangt hij zijn diploma na een afstudeerstage bij Topicus Zorg.

Corné maakte al vroeg kennis met Topicus, omdat hij in de eerste twee jaar van zijn opleiding les kreeg van een Topicaan op het Saxion, die eigen praktijkvoorbeelden gebruikte. Dat Corné hier stage kwam lopen was dus niet verwonderlijk. “Ik ben bewust gaan zoeken naar een afstudeeropdracht en heb ook specifiek op één opdracht gesolliciteerd. Bij het sollicitatiegesprek hebben we nog meer vorm aan de opdracht gegeven.”

Corné heeft het afgelopen half jaar aan FinControl gewerkt, een financiële applicatie voor factuurafhandeling binnen de zorg tussen zorgverzekeraars, patiënten en andere zorginstellingen. “Daarbij heb ik geprobeerd om alle informatie rond een factuur binnen FinControl te houden. FinControl zorgt er voor dat het voor een medewerker achteraf makkelijker te zien is wat er precies met één factuur gebeurt en wanneer die goed- of afgekeurd is, welk deel er al betaald is en welk deel nog niet, noem het eigenlijk maar op. Maar het wil nog weleens gebeuren dat bijvoorbeeld een verzekeraar een vraag heeft over een factuur of het ergens niet mee eens is. Op dat punt krijg je dan een mailwisseling, maar van die mailwisseling weet FinControl niets, vaak gebeurt dat bij een externe partij als Outlook of Google mail. Mijn opdracht was om zo’n mailwisseling over een factuur, bij FinControl toe te voegen om echt alle informatie op één plek aan te kunnen bieden.”

Zo ontwikkelde Corné een heel bruikbare koppeling die maakt dat FinControl tegen Exchange servers en tegen Microsoft Azure aan kan praten. En op die manier informatie van mailboxen kan opvragen. “Ik heb ervoor gezorgd dat je binnen bijvoorbeeld Outlook de FinControl data als het ware kan zien, omdat je een klein apart schermpje binnen Outlook krijgt, waarin alle informatie rondom de factuur getoond kan worden zonder dat de gebruiker Outlook moet verlaten of internet op moet starten of iets anders moet doen. En dan kan de gebruiker meteen besluiten het mailbericht aan de factuur te koppelen, zodat alle collega’s automatisch binnen FinControl die email terug kunnen zien bij die factuur, omdat die dan door die eerder gemaakte koppeling de mail kan ophalen uit de mailboxen vanaf Azure of vanaf Exchange. Het is dus een koppeling die twee kanten op werkt.”

Op de vraag waarom er niet is gekozen voor een speciale communicatietool binnen FinControl merkt Corné terecht op dat gebruikers nu eenmaal het liefst werken met iets wat ze al kennen. Dus waarom zou je tijd en energie steken in een nieuw subproject in plaats van gebruik te maken van de tientallen jaren aan ontwikkeling die al in Azure en Exchange zitten?

Op eigen initiatief voegde Corné nog wel een extra functionaliteit toe. “Omdat ik aan het einde van mijn afstudeerperiode nog tijd over had, heb ik een agenda integratie gemaakt. Daarbij is het mogelijk om vanuit FinControl agenda reminders in te kunnen stellen in je eigen agenda.”

En gaat Topicus deze tool ook daadwerkelijk gebruiken? “Jazeker. Ik heb de mogelijkheid gekregen vanuit mijn afdeling om het te presenteren aan klanten. Ik heb het zelfs aan één klant gepresenteerd en mijn begeleider heeft het aan een andere klant gepresenteerd. Dus dat is voor mij als afstudeerder natuurlijk wel een heel gaaf gevoel dat datgene wat ik heb gemaakt, nu al wordt verkocht als het ware. Tevens is aan mij gevraagd door te werken, zodat het live gezet kan worden. Dus ik kan zeggen dat het geslaagd is, ja.”

Hoe heb jij de begeleiding vanuit Topicus tijdens je afstudeerperiode ervaren? “Iedere stagiair krijgt bij Topicus standaard twee begeleiders en maakt vanaf het begin deel uit van een team. Hoe intensief daar gebruik van wordt gemaakt verschilt per student. “Mij kun je neerzetten met een opdracht en over vijf maanden dan heb ik het klaar. Wat voor mij heel fijn was, was dat ik  mij volledig kon focussen op dit project. Ik heb ervoor gekozen om tweewekelijks een voortgangsmoment te houden. En tussentijds kon ik altijd langslopen voor vragen. Ik zat hier op locatie en ik had twee begeleiders, een technisch begeleider en procesbegeleider en ik kon bij beiden terecht voor specifieke vragen.”

Als er iets is dat Corné aan toekomstige stagiairs wil meegeven dan is het om te kijken of je een eigen draai aan je opdracht kan geven. “Wat mijn ervaring is, is dat Topicus hiervoor open staat.”

En blijft Corné in de toekomst zelf aan Topicus verbonden? “Ik heb hier een hele leuke ervaring en tijd gehad, ik heb ook een heel goed aanbod gekregen en dat serieus overwogen. Maar een semi-detacherend bedrijf past beter bij mij en dat is Topicus niet, dus heb ik uiteindelijk voor een ander bedrijf gekozen.”

Corné is op het moment dan ook bezig om alles goed over te dragen aan zijn begeleiders, zodat ook zij ook alle kennis hebben en het team er verder mee kan.

Wij wensen Corné veel succes en plezier op zijn nieuwe werkplek(ken).


juli 4th, 2017

Posted In: Geen categorie

“Doe eens niet zo bot”: hoe bots kunnen ontzorgen!

“Doe eens niet zo bot”: hoe bots kunnen ontzorgen! 1

Robbert de Wilde, informaticastudent met profiel software development aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen, bewandelde niet de ‘standaard’ weg voor hij bij Topicus stage kwam lopen. Na zijn studie mbo systeembeheer, wilde hij eerst een tijd werken voor hij verder ging studeren. Hij vertrok naar Noorwegen, waar hij computers repareerde, servers inrichtte, netwerkprinters aansloot en meer van zulks. Én waar zijn dochter werd geboren, waarna hij terug naar Nederland verhuisde. Eenmaal hier wilde hij werken en studeren combineren, maar besloot uiteindelijk zich voltijds op software development te richten. Voor zijn stage koos hij bewust voor Topicus, op basis van goede ervaringen van vrienden én de inhoud van de stageopdracht die hij op ‘Werken bij Topicus’  vond. Daarvan werd de kern namelijk gevormd door bots en daar wilde hij zich graag in verdiepen.

Robbert heeft onderzoek gedaan naar het Microsoft Bot Framework in combinatie met LUIS om te bekijken hoe de gebruiksvriendelijkheid ervan binnen de FinControl applicatie bij team Werkstad verbeterd kan worden. ‘FinControl is een pakket waar zorgverleners facturen kunnen inzien en kunnen declareren en accepteren. Het pakket kan nog wel meer, maar de focus van mijn opdracht lag met name bij het declareren en accepteren.’ En dan vooral de snelheid waarmee dit afgehandeld kan worden. Want als een zorgverlener een factuur wil accepteren of declareren dan moet de zorgverlener dit eerst bekijken en doorsturen middels een zgn. ‘retourbericht’. Maar dan zit de zorgverlener misschien al niet meer achter de applicatie. Dus hoe kan dat sneller en beter volgens Robbert?

“Dat zou goed kunnen met een bot die bereikbaar is via bijvoorbeeld Skype of Facebook Messenger. En daar komt het Microsoft Bot Framework bij kijken. Dat is een framework waarbinnen je een bot kunt maken, waarin je via verschillende kanalen tegelijkertijd beschikbaar kan zijn. Dus via Facebook Messenger, via Slack Chat of Skype. Het zou natuurlijk ook een eigengemaakte applicatie kunnen zijn. Maar dan was wel de vraag hoe we ervoor kunnen zorgen dat dat op een natuurlijke manier verloopt, op de manier van een gesprek zoals je normaal gesproken voert als je een klantenservice belt. En daar komt LUIS bij kijken. Dat is een taalservice waarin je een taalmodel kan maken dat helpt om antwoord te geven bij een bepaalde vraag. Dat kan dus een vraag herkennen door er bepaalde key woorden uit te halen en dan geeft ie daar antwoord op. Dat heb ik onderzocht door middel van een prototype met vooraf gedefinieerde requirements. Deze variëren van ‘de klant moet informatie kunnen opvragen’ tot heel specifiek de vraag ‘hoeveel geld krijgt hij terug’. En door na te gaan hoe je facturen kunnen her-declareren of accepteren via Skype of een chat programma.”

Eigenlijk een soort van virtuele assistent, dus? “Ja. En in dit geval is het heel specifiek bedoeld om een bepaald proces te begeleiden, maar je zou het ook kunnen gebruiken voor een klantenservice waar veel gestelde vragen beantwoord worden. Een bot kan deze vragen beantwoorden. Dan zorg je dat die klantenservice niet belast wordt met steeds al diezelfde vragen en klanten toch op een natuurlijke manier geholpen worden.”

Uiteraard zal er in de uitwerking ook een systeem ontwikkeld moeten worden dat zorgt dat de privacy gewaarborgd blijft, maar “de focus lag vooral op de vraag hoe goed dat bot framework en vooral die taalservice werken. Want bots bestaan al vrij lang, al sinds eind jaren ’80, maar op ze op een natuurlijke manier laten communiceren dat is de toekomst.”

Op de vraag of het doel van de stageopdracht is bereikt heeft Robbert grappig genoeg twee antwoorden. “Mijn hoofdvraag was eigenlijk een gesloten vraag, dus een ja/nee, of het werkt wel of het werkt niet. En het antwoord was oorspronkelijk nee, omdat Nederlands niet ondersteund werd binnen LUIS en dat is binnen Topicus wel belangrijk, want 99% van de gebruikers is Nederlands. Maar wat gebeurde er? Een week nadat ik dat onderzoek had afgerond ging LUIS Nederlands wel ondersteunen, dus toen kon ik het antwoord veranderen in ‘ja’. Of nee, ik heb het eigenlijk niet veranderd, maar er iets aan toegevoegd. Want ik heb daarna opnieuw getest om een Nederlands model te maken. En dat ging snel en dat werkt heel goed. Als het goed uitgewerkt wordt, is het is ook echt inzetbaar.” Of de applicatie daadwerkelijk voor FinControl ingezet zal worden is niet zeker, maar dat het een heel bruikbare user case is voor klantenservices staat als een paal boven water. Veel teams zijn er dan ook in geïnteresseerd, weet Robbert te vertellen.

Robbert heeft zijn stage als een heel zelfstandig proces ervaren. Zeker in vergelijking met de zogenaamde ‘meewerkstages’ die hij uit het mbo kende. “Je krijgt altijd hulp bij je vragen, van je begeleiders of vanuit je team, maar voor 90% moet je het zelf doen. Dus dat was wennen, maar de sfeer binnen de groep was leuk en gezellig.”

Zou Robbert Topicus ook aanbevelen aan toekomstige afstudeerders? “Ja. Vooral om het feit dat je gewoon hele goede begeleiding krijgt. Je zit elke week met twee begeleiders, elk met hun eigen expertise, minimaal een half uur en als het nodig is misschien nog wel vaker of langer. Dan praat je over het proces en of je nog hulp nodig hebt hier of daar. En dat is precies wat je als afstudeerder eigenlijk wil. Je werkt zelfstandig, maar je wilt wel geholpen worden bij de documentatie en als je vragen hebt. Dat is hier wel heel goed geregeld, vind ik. Dat zeggen ze ook zelf: dat ze vinden dat als ze iemand aannemen, ze daar ook tijd in moeten steken en dat is heel goed verlopen naar mijn oordeel.”

Hoe ziet de toekomst van Robbert zelf er nu uit? “Ik heb misschien wel een aparte situatie. Mijn vriendin is ook net afgestudeerd, met een bachelor multimedia met de focus op games. En wij hebben voor haar afstudeeropdracht samen een game gemaakt, die we eigenlijk verder willen ontwikkelen. Maar de gamewereld kom je niet zomaar binnen, dus het zal misschien een tijd duren tot die stap gemaakt wordt. Wellicht dat ik tot die tijd gewoon nog blijf werken als software ontwikkelaar en ik heb daar al met Topicus over gesproken. Dus de deur staat open en de kans dat ik hier kom werken is zeker aanwezig.”


juni 29th, 2017

Posted In: Geen categorie

Hoe ABN Amro met de betaalring ING probeert in te halen

Geschreven door de Volkskrant: Als alles goed gaat kunnen klanten van ABN-Amro nog dit jaar een smartring van het Britse bedrijf Kerv kopen, omdoen en hun pinpas thuislaten. Handig als ze wel iets willen kopen, maar niet hun portemonnee willen meenemen. Bij het hardlopen bijvoorbeeld, of tijdens een festival. Of na een duik in het zwembad, want de ring is naast krasbestendig ook waterdicht.

Pinnen met een smartring is simpel– zodra de ring dichtbij de betaalautomaat is hoor je ‘bliep’– maar om er zeker van te zijn dat alles goed werkt wordt het sieraad eerst door ABN-medewerkers getest. Tegelijkertijd experimenteert de bank met een slim horloge.

Het Britse Kerv verkoopt de smartring in eigen land voor 100 pond (113 euro), maar wat ABN-klanten straks moeten betalen is nog niet duidelijk. De slimme ring heeft een NFC-chip, die tegenwoordig ook in pinpassen zitten. Ontwerpers plaatsen deze chips met deze Near Field Communication-technologie tegenwoordig in allerhande objecten, van apparaten tot kledingstukken. In Zweden laten treinreizigers zelfs NFC-chips onder hun huid implanteren, zodat ze eenvoudig kunnen in- en uitchecken.

Het persbericht over de ring in pinpasvorm is de zoveelste aankondiging op het gebied van fintech, de kruisbestuiving tussen financiële diensten en technologie. Dat verzekeraars en banken massaal de fintech omarmen is bekend, maar op het gebied van digitalisering liep ING altijd ver op de troepen vooruit (fun fact: op de ING-website staat zelfs een heuse liefdesverklaring aan de 92 fintech start-ups waar de bank mee samenwerkt: ‘Een fintech-romance…Ik voelde die eerste avond meteen een klik’).

Toch claimt ditmaal ABN als eerste Nederlandse bank een nieuwe, hippe betaalmethode: smartringpinnen. Tegelijkertijd heeft de bank naar eigen zeggen een wereldprimeur te pakken. Bij buitenlandse banken lopen namelijk ook initiatieven met draagbare gadgets, maar zijn deze horloges, armbanden en ringen altijd aan creditcards of oplaadbaar saldo’s gekoppeld, in plaats van reguliere betaalpassen.

Dat haantje de voorste dit keer niet ING heet, geeft te denken. Is ABN begonnen aan een inhaalslag? ‘ING heeft het onderwerp digitalisering onmiskenbaar geclaimd’, zegt Daan Dijkhuizen, directeur van fintech-softwarebedrijf Topicus. ‘Dat zie je aan hun steengoede mobiele app en aan het inloggen met vingerafdruk.’

Maar waar ING vooral externe samenwerking aangaat, kiest ABN-Amro voor een interne strategie, stelt Dijkhuizen. ‘ABN sluit ook wel allianties, maar doet veel meer met de hipsterbedrijfjes die op hun eigen hoofdkantoor Amsterdam Zuidas zitten. Die hebben daar zelfs een hele afdeling.’ Zodra een start-up uit deze ‘fintech-kraamkamer’ succes heeft, zegt de softwaredirecteur, investeert ABN-Amro erin. ‘Je merkt dat ze zo hun achterstand inlopen. Hun nieuwste app is een soort huishoudboekje, iets dat bij andere banken altijd mislukte. Maar deze krijgt hele hoge beoordelingen.’

In zekere zin is het smartring-avontuur van ABN-Amro dus een voortzetting van die inhaalslag, al moet ook worden opgemerkt dat de futuristische zakenpartner van de bank niet elk vlak hét bedrijf van de toekomst lijkt.
Zo is de is de site van Kerv al anderhalve dag onbereikbaar wegens ‘systeemonderhoud’ en vallen recensies van de ring in twee kampen uiteen. Op sociale media plaatst de helft van de klanten lyrische foto’s en filmpjes van hun contactloze betalingen (‘de kassière viel bijna van haar stoel!’), maar is de andere helft is ‘WOEDEND’ omdat ze sinds hun aanschaf via crowdfundingsplatform Kickstarter nog steeds zonder ring zitten.

Tot overmaat van ramp is Kerv ook nog verwikkeld in een juridisch gevecht over de intellectuele eigendomsrechten van hun technologie en blijkt het bedrijf allesbehalve communicatief. Of het nu om klachten, vragen of loftuitingen gaat: tientallen klanten zeggen sinds januari niks meer van het bedrijf te hebben vernomen.

ABN Amro weet dat er problemen zijn met de website van Kerv, maar zegt niet op de hoogte te zijn van de vermeende radiostilte. ‘We zitten natuurlijk nog in de testfase, maar voor ons is communicatie heel belangrijk’, aldus een woordvoerder. ‘Als er iets mis is met de ring, moeten onze klanten ergens terecht kunnen met hun klachten. Hier gaan we dus zeker naar kijken.’

Volgens softwaredirecteur Dijkhuizen komen ‘prenatale aankondigingen’ in de wedloop om fintech vaker voor. ‘In dit wereldje is iedereen constant naar elkaar aan het loeren: wie is waar mee bezig? Natuurlijk worden er in al dat enthousiasme soms te vroeg bepaalde aankondigingen gedaan, of beloftes die niet standhouden.’ Toch moet je dergelijke plannen niet te makkelijk wegwuiven, waarschuwt Dijkhuizen: ‘Voor je het weet blijkt zo’n prenataal initiatief de nieuwe iPhone of Uber. Altijd blijven opletten.’

Dat banken over elkaar heen buitelen is bovendien logisch, zegt Gijs Boudewijn, directeur van Betaalvereniging Nederland. ‘Banken zijn bezig met een innovatiegolf. Dat zie je ook aan nieuwkomers als Knab en Bunq. Ze moeten ook wel, want in januari gaat de nieuwe Europese Betaalrichtlijn in. En dan mogen andere partijen – ook moderne, hippe fintechbedrijfjes dus – ook ineens overboekingen doen.’

Of alle futuristische plannen levensvatbaar zijn maakt volgens Boudewijn weinig uit. ‘Een start-up mag binnen drie weken failliet zijn, maar van banken verwachten we dat elk project dat ze opzetten ook lukt. Natuurlijk, het geld van de consument mag nooit in gevaar komen. Maar dat banken die ouderwetse, starre houding die hen altijd verweten wordt een keer loslaten moeten we volgens mij heel erg aanmoedigen. Sommige innovaties van banken mislukken, ook nu al. Heel gezond, niks mis mee.’


juni 23rd, 2017

Posted In: Geen categorie

Serieus werk en studeren tegelijkertijd, opgave of uitdaging?

Front-end ontkoppeling TeleDIA

Student Artificial Intelligence Davey Schilling, werkt naast zijn studie inmiddels twee jaar met veel plezier bij Topicus! Davey deelt zijn ervaring en geeft antwoord op de vraag of serieus werk en studeren tegelijkertijd mogelijk is.

Dit is een vraag die bij menig student door het hoofd gaat, op het moment dat de bankrekening bekeken wordt aan het einde van de maand en het leengeld weer als sneeuw voor de zon is verdwenen. Er zijn natuurlijk ook studenten die al op hun vijftiende als vakkenvuller zijn begonnen of een bijbaantje in de horeca hebben weten te bemachtigen, maar uiteindelijk liever een studie gerelateerde baan willen vinden. Tot die categorie behoorde ook ik zo’n anderhalf jaar geleden nog. Ik vertoefde vanaf mijn veertiende tot tweeëntwintigste levensjaar op de deli-, brood- en kaasafdeling van de Albert Heijn in Lelystad. Waar ik ook later, naast mijn studie Artificial Intelligence in Groningen, nog steeds elke zaterdag naartoe reisde om mijn rekening te kunnen spekken.

Naast mijn studie deed ik ook veel nevenactiviteiten. Zo heb ik bijvoorbeeld twee studiereizen georganiseerd bij studievereniging Cover (naar Stockholm en Uppsala in Zweden en zelfs naar Nieuw-Zeeland!) en heb o.a. in de onderwijscommissie gezeten, om vervolgens mezelf te wagen aan het besturen van de studievereniging zelf. Dit smaakte naar meer en ik besloot om mij te verdiepen in het bedrijfsleven. Het voelde altijd als iets waar ik in de toekomst wel een keer mee in aanraking zou komen, maar nu werd het tijd om daadwerkelijk een kijkje te nemen in de wereld waar ik eigenlijk nog niet veel van af wist (ik had vooral het idee had dat het suffe leventje daar zou beginnen). Dus zo geschiedde het dat ik bij de Bèta Business Days – hét carrière-evenement voor bètastudies in Groningen – terecht kwam als acquisiteur, waar ik contacten mocht onderhouden met de bedrijven en deze overtuigen voor een deelname aan ons evenement.

Eén van deze bedrijven was het eigenzinnige Topicus, dat ik kende van verhalen over het eigen gebrouwen Gifkikkerbier en hun legendarische pizza-oven. Wat ze nou écht uitvoerden wist ik niet, behalve dat ze iets doen met ICT, bier en pizza’s. Hierin is echter verandering gekomen na dit geslaagde evenement, waardoor studenten een beter beeld kregen van waar Topicus voor staat, in welke gebieden zij opereren en aan welke projecten gewerkt wordt. Vanwege dit succes werd ik benaderd of ik interesse had om bij Topicus een kijkje in de keuken te komen nemen, wat ik zeker interessant vond, maar waar ik niet helemaal zeker over was, omdat ik ondanks mijn studie geen programmeerheld ben. Dit bleek geen probleem te zijn en na de kennismaking en sollicitatie mocht ik aan de slag als Functioneel Software Tester bij het Verloskunde team van Topicus Zorg!

In het begin was het testen een beetje onwennig, omdat het een heel andere uitdaging was dan mijn Albert Heijn baan, maar na verloop van tijd groeide ik in mijn testersrol en begon ik het werk steeds meer onder de knie te krijgen. Er is altijd een groot verschil tussen wat je leert op je studie en wat je in de praktijk toepast, dus deze gewenning komt iedereen bij zo’n stap tegen. Het geeft een groot voordeel om ook deze kant van de wereld die aansluit op mijn studie te beleven.

Inmiddels is het alweer anderhalf jaar later en heb ik steeds meer verantwoordelijkheden op mijn bordje gekregen en heb ik zelfs een presentatie mogen geven op de jaarlijkse Topicus conferentie voor nieuwsgierige studenten, heb ik op de Bèta Business Days de bedrijfsstand bemand en een presentatie gegeven over dit eigenzinnige bedrijf. Zelfs het bedrijfsuitje van onze afdeling naar Hamburg heb ik mede georganiseerd en ik ben gevraagd om te helpen met opzetten van de Topicus Zorg afdeling in Groningen!

Deze verantwoordelijkheden plus de te gekke events, maar bovenal de geweldige sfeer maken Topicus ook voor studenten een hele fijne werknemer. Studeren én werken is mogelijk en zeker bij een bedrijf als Topicus, waar je heel veel vrijheden krijgt en als student als een volwaardig werknemer wordt gezien. Het is slechts een kwestie van durf en inzet om op je plek terecht te komen. Dus durf de contacten te leggen en gewoon te gaan voor die plek en wie weet ervaar je hier net zo’n mooie tijd als ik! Kijk op www.werkenbijtopicus.nl voor alle (student) vacatures!


juni 21st, 2017

Posted In: Geen categorie

Volgende pagina »

Topicus Finance – Amsterdam

John M. Keynesplein 12, Amsterdam

Topicus Finance – Deventer

Singel 25, Deventer

Topicus Hoofdkantoor – Deventer

Singel 25, Deventer

Topicus Finance – Groningen

Helperpark 270 - 298, Groningen

Topicus Zorg – Groningen

Helperpark 270 - 298, Groningen

Topicus Finance – Zwolle

Zuiderzeelaan 23, Zwolle

Topicus Legal – Zwolle

Zuiderzeelaan 23, Zwolle

Topicus Onderwijs – Deventer

Singel 9, Deventer

Topicus Onderwijs – Enschede

M. H. Tromplaan 10-12, Enschede

Topicus Overheid – Enschede

M. H. Tromplaan 10-12, Enschede

Topicus Onderwijs – Nijmegen

Keizer Karelplein 32F, Nijmegen

Topicus Onderwijs – Utrecht

Winthontlaan 200, Utrecht

Topicus Zorg – Deventer

Keizerstraat 43, Deventer

Topicus Zorg – Leiden

Doezastraat 2A, Leiden

Topicus Zorg – Wageningen

Costerweg 1K, Wageningen